Papa - 28/04/2026
Vandaag nemen we ook afscheid van jou. Je ging onverwacht snel ons mama achterna en hopelijk was je net op tijd om mee haar verjaardag te vieren, daar aan de overkant.
Dit wordt dus ook jouw laatste reis. En ik hoop dat ze je hoog boven de wolken voert, over besneeuwde toppen en weidse landschappen. Dat je nog alles mag zien en voelen en proeven waar je zo van hield.
Ik heb vaak gedacht dat Scherpenheuvel een beetje te klein was voor jou. Want altijd was er die hang naar avontuur, die drang om nieuwe horizonten te verkennen. Je ging daarbij ook geen enkele uitdaging uit de weg. Je nam gezwind het vliegtuig om gaan te werken in Noord- Afrika. Of we trokken met de tent doorheen onze buurlanden. Zelden bleven we langer dan drie nachten op dezelfde plaats, daarna wou je weer verder, kijken wat er om de hoek nog was. Of jij wandelde niet zomaar mee met De Grote Trek, nee, jij stapte die gewoon dubbel, onverschrokken heen en weer.
Je hield van uitdaging en van bruisende dagen, dus je had best wel moeite met een geregeld leventje in een rijhuis langs een brave Vlaamse straat. Dat maakte jou ook tot een bijzondere vader, niet altijd de meest voorspelbare, maar zo eentje met een handleiding. En ik moet zeggen: je wist me te boeien tot je allerlaatste dag, ik denk niet dat ik die instructies volledig heb kunnen ontcijferen.
Je trok me groot op je eigen, koppige manier. Je wou me niet kneden tot een volgzaam meisje, ik moest niet altijd braaf binnen de lijntjes kleuren, nee, jij opende liever mijn blik op de wereld en dat mocht zelfs met wat scha en schande. We hadden soms disputen tot laat in de nacht, maar meestal bleef het bij kleine brandjes, die heel snel weer werden geblust. En je leerde me niet enkel lezen met aandacht maar vooral ook: tussen de lijntjes. Het maakte dat ik ook nu nog wel eens dieper durf na te denken over de dingen. Waarvoor dank, want het kwam me meermaals goed van pas.
Je had een ziel met vele lagen en je was uniek. Niet voor herhaling vatbaar. En dat maakt je dus ook een beetje onsterfelijk, al valt de dood niet te omzeilen.
Je had- vooral die laatste jaren, toen je wereld steeds kleiner werd- nog je vaste plekje op het terras van je stamcafé. Daar kon je nog genieten van je pintje en de bedrijvigheid rondom. Maar jouw stoel blijft nu leeg. Je bent er niet meer bij en je zal er nooit meer bij zijn. Maar tegelijk altijd.
Dank je wel papa, voor alles
Reageer via
Headspa - 11/05/2026
En zo komt er dus definitief een eind aan het project kangoeroe wonen. Ik blijf in m'n eentje achter in een huis waar we zestien jaar geleden startten met drie generaties onder één dak. Dat klinkt natuurlijk een beetje zielig, maar anderzijds is dit ook de logische gang van zaken: je kinderen gaan sowieso vroeg of laat het huis uit en zelfs de meest kranige grootouders hebben niet het eeuwige leven.
Ik verzwelg dus niet meteen in zelfmedelijden, ik kan het allemaal wel 'plaatsen' zoals dat dan heet. Maar deze nieuwe fase in het scenario vraagt ook weer om een nieuwe aanpak. Blijf ik waar ik ben? Verkas ik naar iets kleiner? Of misschien is cohousing wel een optie? Ik kom er niet meteen uit. Maar feit is: dit huis is te groot voor mij alleen en ik stel me daarbij- al was het maar omwille van energieverbruik en onderhoud- ook wel vragen omtrent mijn ecologische voetafdruk. En er heerst hoe dan ook krapte op de woningmarkt, dus wie ben ik dan om gulzig drie verdiepingen in te palmen?
Stof tot nadenken dus. En ook af en toe een beetje wakker liggen 's nachts. Er waren nochtans tijden dat ik verhuisde zonder verpinken. Weliswaar meestal om weloverwogen redenen, maar toch, het maakte me weinig uit en meestal ging het snel. Inpakken en wegwezen. Ik keek zelden om. Bij het tellen van het aantal verschillende adressen kom ik met de vingers van één hand al lang niet meer toe. En ik heb zowat alle volumes van betaalbare behuizing uitgetest: doorsnee rijhuis, alleenstaande woning met riante tuin, ruim appartement met terras, piepklein appartement zonder terras, appartement zonder terras tout court, tochtige halfopen bebouwing, gerenoveerd en deftig geïsoleerd huis. Maar overal voelde ik me al zeer snel Thuys.
Geef mij een knus hoekje waar ik af en toe in alle rust kan lezen en laat me niet verkommeren van honger of kou en je hoort me verder niet al te veel klagen. Kortom, ik kan overal wonen.
Blijkbaar heb ik dat van mijn grootmoeder langs vaders kant. 'Moeder Sanderin' runde een kruidenierszaakje, lang nog voor de supermarkten in het straatbeeld verschenen. Ze verkocht werkelijk alles wat destijds nodig was voor de dagelijkse levensbehoeften, van Hollandse kaas tot boenwas en ook zo van die glanzende strengetjes borduurgaren, in alle kleuren van de regenboog. Maar goede raad en levenswijsheid gaf ze gratis mee, meestal ook verpakt in gevleugelde woorden die nog lang bleven nazinderen.
Eén van haar lijfspreuken was 'Waar ik ben, is alles'. Waarmee ze bedoelde: ik ben gelukkig met wat ik heb en waar ik ben. En dat hoefde niet veel te zijn. Voor haar geen overbodige luxe, ook nog geen Airfryer Dual Easy Fry, geen lounge set om in te aperitieven op zwoele zomeravonden. Maar ze was tevreden. En optimistisch, zelfs bij tijden van onheil, altijd even overtuigd dat alles wel goed zou komen.
Het soort vertrouwen dat ik nu bij mezelf een beetje mis. Want plots blijk ik honkvast te worden, heb ik er moeite mee om deze woonst te verlaten. Nu hier eindelijk vingerhoedskruid bloeit in de tuin. Nu ik zelf toch sterker dan gedacht vergroeid lijk met dit plekje in de straat. Nu ik elk geluidje in dit huis herken. Plots hoor ik mezelf luidop verkondigen dat ik- en dan nog in het allerergste geval! - hoogstens ergens op wandelafstand van de Basiliek wil eindigen. Zeker niet eenzaam en verlaten in een nabijgelegen gehucht. Alsof daar geen leven meer is. Alsof daar geen nieuw geluk kan schuilen achter hoek of kant. Alsof daar geen vingerhoedskruid kan gezaaid worden.
"Schrijf je anders eens in voor Blind gekocht," zegt de dochter, "ze zien je komen, met je ruime zoekregio! Levert wel spraakmakende televisie op, denk ik."
En ze heeft natuurlijk gelijk. Dus ik begin toch maar voorzichtig links en rechts eens rond te neuzen, ook buiten onze stadswallen. Informeer naar rechten en plichten van een verhuurder. Surf naar Immoweb en wandel eens wat trager langs gevels waaraan een bordje met 'Te koop' hangt. Ik bezoek zelfs al een paar appartementen, met kritische blik. Verdiep me in EPC- waarden en de werking van warmtepompen. Probeer me in te beelden hoe ik dan 's avonds een boek zou lezen in bijvoorbeeld zo'n energiezuinig nieuwbouwpand. Of hoe ik dan misschien zal ontbijten aan het eiland van een high standard keuken, onderwijl naar buiten kijkend doorheen ramen met HR++-glas. Niet evident, want in mijn diepste kern ben ik meer zo'n schemerig zolderkamer mens vrees ik, er mag wel wat kraken in mijn wereld, niet alles moet even strak en clean.
Er valt veel af te wegen en af en toe tolt mijn hoofd. Maar net op tijd, voor hoofdpijn zich kan aandienen, valt mijn blik dan weer op dat verjaardagcadeau dat ik nog kreeg van de dochter, een bon voor een Headspa! 'Een luxueuze en ontspannende ervaring die focust op de verzorging van de hoofdhuid, haren en mentale ontspanning 'staat erbij vermeld. Dus ik boek me zo'n behandeling, ergens op een blauwe maandag, en laat me de volle 90 minuten verwennen door de deskundige handen van Sabrina en zachte wolken van schuim.
En stap anderhalf uur later inderdaad volledig opgeladen weer naar buiten. Met een uiterst propere hoofdhuid en daaronder lijkt het nu ook wat hol en zorgeloos leeg. Dat van die mentale ontspanning klopt dus helemaal, dit is pure wellnes, al mijn twijfels lijken verdampt. Een cadeau buiten categorie, al zal moeder Sanderin wel hoofdschuddend hebben toegekeken, van daarboven. Maar moest het kunnen: ik zou haar met liefde ook zo'n bon schenken, soms mag het wel eens een ietsje meer zijn in dit leven.
En wat al mijn twijfels over een mogelijke verhuis betreft, ach, ik las het laatst nog ergens:
'If you don't like where you are, move, you're not a tree'
En intussen ga ik er gewoon rustig van uit dat alles zomaar kan zijn waar ik ben
Reageer via
Liefdesbrieven - 21/05/2026
Ik vind ze diep verscholen in de commode van de ouderlijke slaapkamer: liefdesbrieven van mijn ouders. Pennevruchten uit het jaar 1959, behoedzaam gewikkeld in een vergeeld krantje uit 1978.
Ook dat krantje blijkt nog wat nostalgie met zich mee te dragen. Als ik er voorzichtig doorheen blader vind ik nog een volledige pagina gewijd aan de 'half-timers' van Rillaar. 't Is te zeggen: aan al diegenen die, net als mijn moeder, geboren werden in 1933, op het moment van berichtgeving dus de 45-jarigen. Blijkbaar aasde men in Rillaar niet op 100 jaar worden, maar was de kaap van 90 bereiken al ruim voldoende.
De half-timers werden bij deze uitgenodigd voor een receptie, vervolgens een groots diner bij 'Germaine' en vanaf 23u bal. Al dat feestgedruis evenwel voorafgegaan door een heilige mis om 19.30u, voor de overleden vrienden van 1933. Een avondvullend programma dus en voor elk wat wils.
Er staat ook een foto bij van de 'maskes' van dat geboortejaar, allemaal keurig verzameld voor een lokale replica van de grot van Lourdes. Stijfjes poserend in hun zedig schooluniform met zo'n grote witte kraag, de meesten van hen ook met een enorme strik in de haren. Ik herken meteen mijn moeder op de eerste rij, zij weliswaar zonder strik, wat me enigszins verbaast, want zij was altijd al van de fierdere soort.
Maar dan die brieven! Afgestempeld met een postzegel ter waarde van 2 frank 50, met daarop de beeltenis van wijlen koning Boudewijn. Ik herken meteen de handschriften van mijn ouders op de enveloppes. Het benijdenswaardige schoonschrift van mijn moeder, zelfs op hoge leeftijd toverde ze nog diezelfde, sierlijke krullen op haar boodschappenlijstjes. En dan daarnaast de toen al min of meer bibberende letters van mijn vader.
Mijn moeder richtte haar schrijven aan 'Jonge Heer Alfons Thuys', mijn vader schreef naar 'Mejuffer Virginie Verstrepen'. Hij woonde in de August-Nihoulstraat, 26 te Scherpenheuvel en zij op Nopstal,65 te Rillaar. Postcodes bestonden toen nog niet.
De inhoud is voor mij, op z'n zachts gezegd, eerder verrassend: er wordt vooral heel graag gezien en heel veel gemist en er heerst wel wat ongerustheid over elkanders welzijn.
Vooral mijn moeder maakt zich zorgen omdat mijn vader blijkbaar heel vroeg moet opstaan voor zijn werk. 'Hou moed, lieveling,' schrijft ze, 'en wees dapper.' Alles op zeer formele toon en in uiterst correcte volzinnen. Zelfs de 'Liefste Schat' wordt tot het hartverscheurende afscheid aangesproken met U en Uw met hoofdletter. En er wordt veel gemijmerd over de gezamenlijke toekomst waarin ze elkander hopelijk goed gaan verstaan en begrijpen.
Al durft mijn moeder daar af en toe wel wat praktische zaken in verband met het hier en nu aan toe te voegen. Want bij vader thuis hebben ze een buurtwinkeltje, dus en passant nog voorzichtig haar vraag:
"Zo U donderdagavond komt, lieveling, zou U geen 2kg appelsienen kunnen meebrengen?"
Om dan toch nog hoogachtend te eindigen met "U bent voor mij niets anders dan mijn geluk en zonneschijn".
Eerlijk gezegd, het is niet het genre correspondentie dat ik van mij ouders had verwacht. Ik had me nog iets kunnen voorstellen bij vriendelijke groeten op een obligate postkaart, ergens vanuit een sporadisch dagje Ardennen of zo, maar liefdesbrieven? En dan ook nog eens van een dergelijke allure, vol romantische ontboezemingen? Nee, echt niet, het is een wereld waarvan ik het bestaan niet vermoedde. Terwijl ik toch een zeer nabije toeschouwer was, ik stond op de eerste rij.
Het is zelfs met enige schroom dat ik nu, zoveel jaren later, binnendring in hun zorgvuldig afgebakende verbond. Opeens besef ik dat ze al samen dansten, lang voor er zelfs maar sprake was van mij. En dat enkel zij twee de juiste passen kenden.
Ik had het er laatst nog over met een best wel wijze man. Dat we vaak denken mensen echt te kennen. Dat we nogal snel zeggen 'die is zus' en 'die is zo', daarbij afgaande op ons buikgevoel of gebaseerd op momentopnames. En dan staan we al snel klaar met goede raad. Of erger nog, met een oordeel. Terwijl we zelden de ware toedracht kennen.
Of zoals die wijze man het zo mooi formuleerde: wij zijn slechts toeristen in iemand anders' bestaan.
Reageer via